Verkoop van goederen op internet en de gevolgen daarvan voor het recht op bijstand
Appellant heeft aangevoerd dat er geen sprake was van inkomsten, omdat de goederen die werden verkocht al bij hem in bezit waren, zodat slechts sprake was van een omzetting van goederen in geld. De Raad stelt voorop dat het, anders dan appellant veronderstelt, voor de toepassing van de WWB niet verboden is om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd.
Lees ook:
- Terugkomen van de gedragslijn inzake het zonder bewijsstukken accepteren van gedeclareerde kosten griffierecht en eigen bijdragen rechtsbijstand
- Vermindering van verschuldigde inkomstenbelasting in verband met aftrek van buitengewone ziektekosten wordt voor de bijstand buiten beschouwing gelaten
- Hardheidsclausule bij een individuele vervoersvoorziening
- Artikel 35 eerste lid van de WWB vormt niet de bevoegdheidsgrondslag voor de verlaging van de bijzondere bijstand wegens verwijtbaar gedrag
- Uitspraak Hoge Raad over verenigbaarheid met EG-recht van de navorderingstermijn voor buitenlandse tegoeden